On  file

Villa Media

banner_ijnet.jpg

 

 

logo_democratie_en_media_advertentie.jpg

video's


kibret3.jpg
  ‘Ik denk elke dag aan Ethiopië’   Een film van: Farshad Aria ‘Ik denk ...

nieuws


romantisch_volk.jpg
Verslag uit een Iraakse oliestad Met foto’s van Eddy van Wessel   Uitgeverij Atlas publiceerde op 26 Augustus 2010 Een romantisch ...
Geen cyber-moskee maar een ruimte voor debat Een groep Nederlandse moslims lanceerde op 21 juli de website nieuwemoskee.nl, een islamitisch ...

Home interviews Samen vechten voor een vreedzame oplossing
Samen vechten voor een vreedzame oplossing PDF Print E-mail
Nian Bakal   
Saturday, 19 December 2009 08:24

  
Nuriye Kesbir over het Turks-Koerdische conflict

ERBIL-

Sinds het verbod op de Koerdische partij DTP zijn de straten van Zuidoost-Turkije het toneel geworden van gewelddadige botsingen. Het Turkse Hof beschuldigde vorige week de DTP van banden met de militante afscheidingsbeweging PKK en stemde ermee in de partij te verbieden. Daarmee dreigt er een einde te komen aan het aangekondigde ‘vredesinitiatief’ van de Turkse regering om het conflict met de Koerdische minderheid op te lossen. Nu de Koerdische vertegenwoordiging in het parlement is verdwenen, wenden de Koerden zich tot de PKK. De strijd is weer begonnen. Nian Bakal interviewde PKK-strijder Nuriye Kesbir voor ex Ponto en Wereldjournalisten over de ‘Koerdische opening’ van de regering Erdogan.

 
ex Ponto Magazine nr.16

 

Woedende Koerden gooien gasbommen en stenen naar de Turkse politie, zien we op verschillende filmpjes die op internet circuleren. De Koerden zijn boos dat de Partij voor een Democratische Samenleving (DTP), de enige Koerdische partij in Turkije, afgelopen vrijdag door het Constitutionele Hof wegens banden met de Koerdische afscheidingsbeweging PKK werd verboden. Daarmee lijkt Turkije, naast de politieke en militaire strijd, nu ook de juridische strijd aan te gaan tegen partijen die “de eenheid van de staat bedreigen,” aldus het Hof. Omwille dezelfde ‘bedreiging van de staat’, dreigde vorig jaar de Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling (AKP ) van premier Erdogan ook opgeheven te worden. Het Hof treedt streng op tegen politieke partijen die de eenheid van de staat in gevaar zouden brengen. Sinds 1960 zijn er in Turkije al 27 partijen verboden. Het verbod van de DTP heeft grote gevolgen voor de 37 parlementsleden en partijfunctionarissen. Vijf jaar lang mogen de DTP-leden niet meer politiek actief zijn en daarnaast verliezen DTP-voorzitter Ahmet Turk en andere DTP-afgevaardigden hun parlementaire immuniteit. Dit betekent dat zij vervolgd kunnen worden. De DTP wil nu in beroep gaan bij het Europese Hof voor de Mensenrechten in Straatsburg.

Vooruitzichten
De Koerdische partij heeft al eerder aangegeven de PKK als gesprekspartner te beschouwen bij de pogingen om een einde te maken aan het Koerdische conflict. Sinds de zomer leek de rust in Turkije te zijn teruggekeerd, toen de Turkse premier Erdogan plotseling de Koerden meer rechten beloofde. Volgens analisten kan de ‘Koerdische opening’ van de regerende AKP  met twee dingen te maken hebben: mogelijk sprak Erdogan over het Koerdische ‘probleem’ om ‘the hearts and minds’ van de Koerden te winnen voor de verkiezingen die gepland staan in 2011. Maar misschien beseft de regering ook dat er niet te winnen valt van de PKK. Volgens de Koerden hebben de hervormingen vooral te maken met de politieke agenda van de AKP van Erdogan. De premier heeft echter aangegeven dat het verbod van de DTP niet het einde hoeft te betekenen van het streven naar meer rechten voor de Koerden.

Het verbod van de DTP zal allesbehalve gunstig zijn voor het EU-lidmaatschap van Turkije. De Verenigde Staten en andere westerse landen steunen Turkije in haar weg naar meer democratie en respect voor de rechten van de minderheden in het land. In november was PKK-strijdster Nuriye Kesbir nogal optimistisch over een  oplossing voor de Koerdische kwestie zonder bloedvergieten. Ik ontmoette haar in de bergen van Qandil  in het Iraaks Koerdistan. Volgens haar hoopt de PKK op een vreedzame oplossing, maar worden premier Erdogan en de Turkse staat door hen niet vertrouwd.

Wie zijn de PKK-strijders?
De strijd tussen de Turken en de Koerdische Arbeiderspartij (PKK) begon in de jaren ’80. De afscheidingsbeweging werd opgericht door Abdullah Öcalan, bijgenaamd Apo. De Koerden die zich bij zijn partij aansloten hadden een droom: een onafhankelijk Koerdistan in het Zuidoosten van Turkije. Öcalans beweging telde 21 volgelingen, maar dat zouden er al snel duizenden worden. Öcalan kreeg ook veel aanhang onder Koerdische migranten in het buitenland. De Turken beschouwden hem als staatsvijand nummer één.

In 1999 werd de PKK een serieuze slag toegebracht toen Öcalan in Kenia werd opgepakt. De PKK-leider werd door het Turkse gerechtshof ter dood veroordeeld, maar zijn straf werd later onder druk van de Europese Unie omgezet in levenslang. Apo was sinds 1999 de enige gevangene op het streng beveiligde Turkse gevangeniseiland Imrali. In november werd Öcalan naar een andere gevangenis op het eiland verplaatst, waar hij contact kan hebben met andere PKK-gevangenen. Vermoedelijk heeft Turkije hiertoe besloten onder druk van de EU.

Onlangs heeft Öcalan echter geklaagd over de nieuwe situatie. Zijn cel zou kleiner zijn, waardoor hij nu met ademhalingsproblemen kampt. De PKK heeft haar leden opgeroepen te protesteren tegen de slechte behandeling van hun leider. PKK-leden benadrukken dat Turkije Öcalan goed moet behandelen, anders zou het Koerdische initiatief geen zin hebben.

Sinds de arrestatie van Öcalan is het ideaal van een onafhankelijke Koerdische staat losgelaten. Al in 1993, toen hij in Bar Elias (Libanon) voor het eerst een staakt-het-vuren aankondigde en de hoop uitsprak op een politieke oplossing voor de Koerdische kwestie, zag Öcalan al in dat de strijd voor de onafhankelijkheid niet te winnen viel. Ondanks dat de PKK haar onafhankelijkheidsdroom met moeite moest laten varen, bleven veel strijders doorvechten voor de Koerdische zaak. De PKK eist vandaag de dag volledige culturele en politieke rechten voor de Koerdische bevolking in Turkije.

Op bezoek bij PKK
De weg naar Qandil, de ‘thuisbasis’ van de PKK, brengt me langs hoge bergen en diepe ravijnen die een natuurlijke grens vormen tussen Turkije en Irak. Het landschap is prachtig, de bergen zijn ondoorgrondelijk en de strijders van de PKK opereren al jaren vanuit deze locatie. Kijkend naar de ruige bergen bedenk ik me dat de strijders hier plannen hebben gemaakt om voor de Koerdische zaak te vechten. Vanuit deze bergen zijn de strijders op pad gegaan om Turkse doelen aan te vallen. Hier zijn door de Turkse luchtmacht bombardementen uitgevoerd op de guerrillakampen van de PKK. Het gevecht binnen Turkije heeft aan ongeveer 40.000 mensen het leven gekost. Nu de Turken openlijk praten over de Koerdische kwestie en democratische middelen zoeken om het probleem op te lossen, is de vraag in hoeverre de PKK gelooft dat Turkije de Koerdische kwestie zal oplossen. En wat moeten we verwachten als straks de rechten die de Koerden eisen inderdaad door Turkije worden geaccepteerd?

 

De ontmoeting
Als ik in de bergen op weg ben naar de geheime locatie waar ik een PPK-lid zal ontmoeten, onweert het. Na een halfuur bereiken we een oud cementen huis waar ik door de bewoners binnen wordt verwelkomd. In een lege woonkamer, waar alleen twee matrassen tegen de muur staan, wacht ik een uur. Dan hoor ik auto’s stoppen voor de deur. Vier vrouwelijke PKK-strijders lopen de woonkamer in. De eerste vrouw, die gekleed is in een wijde Koerdische broek, groet me vriendelijk en geeft me een stevige handdruk, gevolgd door twee andere vrouwen met kalasjnikov’s op de schouders. Mijn blik gaat snel weer naar de eerste vrouw en ik zie dat het Nuriye Kesbir is. Kesbir is geen onbekende in Nederland. In 2007 portretteerde Annegriet Wietsma haar in een documentaire genaamd "Sozdar, zij die haar belofte nakomt" die op IDFA en daarna in 2008 op de Nederlandse televisie werd vertoond. (Lees meer over deze documentaire…)

PKK-strijdster Nuriye Kesbir sloot zich in 1987 aan bij de PKK. Sindsdien zet ze zich voornamelijk in voor de rechten van Koerdische vrouwen. Daarnaast is ze ook actief in de Koerdische vrijheidsstrijd. Zij heeft zich inmiddels ontwikkelt tot een van de leidsters van de vrouwenbeweging binnen de PKK. In 2001 kwam ze naar Europa om contacten te leggen met PKK-leden. Ze werd op Schiphol gearresteerd en gevangengezet omdat ze een vals paspoort bij zich had. Turkije verdenkt Kesbir ervan medeverantwoordelijk te zijn voor gewapende aanslagen door de PKK op Turkse burgers en militairen waarbij vele doden en gewonden zijn gevallen. De Turkse staat vroeg toen ook Nederland om haar uitlevering. Kesbir ontkende de beschuldigingen. Na jarenlange juridische procedures besloot de Haagse rechtbank dat ze niet aan Turkije uitgeleverd mocht worden. Kesbir kwam vrij, maar ze kon geen kant op. Haar asielverzoek werd afgewezen en ze verbleef  illegaal in Nederland. Ze zwierf een tijd lang bij verschillende adressen totdat ze op een dag besloot terug te keren naar de bergen.


Nuriye proeft in kleermakerszit van de thee die net voor haar is neergezet. Nieuwsgierig kijk ik haar aan. Hoe maakt ze het sinds haar vertrek uit Nederland? “Het gaat heel goed met me. Ik ben weer terug waar ik hoor te zijn,” zegt ze lachend. “Ik werd gek in Nederland. Mijn hart ligt hier bij mijn broeders en zusters en het gevecht voor de rechten van de Koerden. Met het Koerdische initiatief van de Turkse regering hoop ik dat we eindelijk de rechten krijgen waarvoor wij al jaren vechten.”

‘Koerdische opening’
In Turkije is een langzaam proces van politieke hervormingen aan de gang. In de zomer kondigde de Turkse premier Recep Tayyip Erdogan aan het Koerdische vraagstuk te willen op lossen – een plotselinge zet in de ogen van veel mensen, omdat Erdogan in 2005 en 2007 voor het laatst over de Koerdische vraagstuk had gesproken. Strategische zet of niet, Erdogan was daarmee PKK-leider Abdullah Öcalan een stapje voor. Öcalan had al eerder aangekondigd een ‘vredesplan’ te schrijven om een eind te maken aan het 25-jarige conflict tussen de PKK en het Turkse leger. Vanuit de gevangenis schreef Öcalan ‘the roadmap for peace’, die hij later via de gevangenisdirectie aan de Turkse regering doorspeelde.

Om te laten zien dat de PKK het Turkse initiatief steunt besloot een vredesgroep op verzoek van Öcalan de grens over te gaan. Een groep van 34 mannen, vrouwen en kinderen, deels leden van de afscheidingsbeweging PKK, deels van de vluchtelingenkamp van Makhmour in Iraaks Koerdistan, gaven zich in oktober over bij het plaatsje Silopi, vlakbij de Iraaks-Turkse grens. De vredesgroep werd door duizenden Koerden met Koerdische vlaggen verwelkomd, wat tot veel kritiek leidde.  De Turkse premier Erdogan noemde het onthaal een ‘provocatie’, iets waar veel Turken het roerend mee eens waren.
“Onzin”, meent Kesbir. “De welkomstontvangst die de Koerden aan de groep gaven was juist een signaal van blijheid en hoop op een vreedzame oplossing. Dit is niet de houding van een staat die beweert vrede met ons te willen. De Turkse staat moet geen problemen zoeken of creëren. Zij  moet samen met ons vechten voor een vreedzame oplossing.” Volgens Kesbir heeft Turkije de goede wil van de Koerden en die van de vredesgroep niet goed begrepen. Ze is daarom bang dat het Koerdische initiatief weinig kans van slagen heeft. Dit heeft volgens haar vooral te maken met de houding van de Turkse staat. “Turkije houdt ervan om de baas te spelen over de Koerden. We mogen niet rouwen als we een martelaar hebben. Als we vredesgroepen naar Turkije sturen, dan mogen we ze niet verwelkomen.”
Kesbir pauzeert even en kijkt me daarna aan: “Met andere woorden: Turkije zegt tegen de Koerden in het land: Wat ik ook zeg, welke wet ik ook schrijf, jullie moeten naar mij luisteren.” Volgens haar waren de verwijten over het warme onthaal van de vredesgroep het eerste signaal dat ze niet te gemakkelijk op de Turkse wil om tot een oplossing te komen moeten vertrouwen. “Ik blijf het zeggen, we zijn echt hoopvol wat betreft een oplossing voor het Koerdische vraagstuk, maar we zijn erg voorzichtig en kijken goed wat de Turkse regering doet om ook ons tegemoet te komen.”

Turkse beloftes
Premier Erdogan en zijn AKP hebben de Koerden in Turkije een aantal beloftes gedaan. Koerdische dorpen en steden zouden hun Koerdische namen terugkrijgen en radio- en televisie-uitzendingen in de Koerdische taal zouden worden toegestaan. De Koerdische taal zou mogen worden gebruikt tijdens politieke campagnes en er zou een universitaire faculteit worden ingericht voor Koerdische taal- en letterkunde. Maar de PKK is niet onder de indruk en bestempelt de Turkse beloftes als ‘oppervlakkig’ en ‘kletspraat’. Ook de Turkse nationalistische oppositie heeft al bezwaar aangetekend en spreekt van het einde van de Turkse Republiek. Volgens deze oppositie bestaat het Koerdische vraagstuk helemaal niet en heeft de Turkse staat ‘enkel met terroristen te maken.’
 
“Extremisten, moordenaars, terroristen”, telt Kesbir op haar vingers de verschillende namen die de Turkse regering voor de PKK gebruikt. “We zijn voor alles uitgemaakt. Maar ze weten heel goed wat de PKK is en waartoe we in staat zijn en voor welke zaak we vechten. Om ons in de media steeds als terroristen te omschrijven is hun tactiek om ons kapot te maken,” zegt Kesbir. “We worden gedwongen om geweld te gebruiken. We zijn niet voor een bloedige strijd, maar hoe moeten we anders onze rechten opeisen? De PKK is geen gesprekspartner voor de Turkse regering, maar naar de enige legale pro-Koerdische partij DTP wordt evenmin geluisterd. Turkije speelt met ons,” vervolgt Kesbir. Volgens haar is het belangrijk dat de Turkse regering de Koerdische bevolking in het land erkent en dit ook in de grondwet opneemt.

PKK niet aan de onderhandelingstafel
“Het Turkse leger en de Turkse regering krijgen de PKK niet kapot,” benadrukt Kesbir. Ze reageert daarmee op mijn vraag waarom de Turkse regering het ‘Koerdische initiatief’ heeft gelanceerd. “Misschien komen ze eindelijk tot het besef dat wij niet zullen opgeven,” vervolgt ze. Het is de vraag of de Turkse regering dezelfde mening deelt, maar het blijft een feit dat de regering de laatste jaren de ‘hearts and minds’ van de Koerden in Turkije wil winnen. Erdogan heeft de Koerdische kwestie bespreekbaar gemaakt en gaat openlijk de discussie aan met Koerdische en Turkse partijen. De PKK blijft echter buiten de onderhandelingen.

Gelooft Kesbir dat de Turkse regering het ‘vredesplan’ van Öcalan serieus neemt en dat Erdogan de Koerdische kwestie echt wil oplossen? “De Turkse regering zal een aantal delen uit het ‘vredesplan’ die haar goed uitkomen eruit pikken,” zegt ze bedenkelijk. “Natuurlijk vertrouwen we de Turkse regering niet blindelings. De PKK heeft al eerder het ware gezicht van Turkije laten zien.” Hiermee beschuldigt Kesbir de Turken ervan eerder niet oprecht naar een vreedzame oplossing te hebben gezocht. Over Erdogans rol in het oplossen van de Koerdische kwestie heeft ze ook haar twijfels. “Erdogan moet eerst laten zien dat hij echt maatregelen neemt om de situatie voor de Koerden te verbeteren.”

Volgens Kesbir vroeg de DTP in 2006 de PKK om een staakt-het-vuren aan te kondigen. Ahmet Turk, de voorzitter van de DTP hoopte dat de PKK positief zou reageren op de oproep, die de vrede ‘een nieuwe kans’ moest geven. “We streven er al jaren naar de Koerdische kwestie op te lossen en we geloofden toen in het besluit van onze leider, die vanuit de gevangenis het groene licht gaf voor het staakt-het-vuren.” Erdogan wees in 2006 de wapenstilstand van de hand. Op televisie verklaarde hij dat een staakt-het-vuren overeengekomen wordt tussen staten en niet met een terroristische organisatie. Eerder had Erdogan vier unilaterale wapenstilstanden van de PKK eveneens afgewezen. Behalve Turkije zien ook de Verenigde Staten en de Europese Unie de PKK als een terroristische organisatie. “De houding van de Turkse regering is er een die ons niet serieus neemt. Op een gegeven moment hadden we er genoeg van en namen we de wapens weer op.”

Toekomst PKK
Volgens Kesbir kan de Koerdische kwestie alleen worden opgelost als de PKK-leider erbij wordt betrokken. “Öcalan is de sleutel naar het einde van het conflict. De Turkse regering moet met Öcalan praten. Want hij kan veel deuren openen.” En wat gebeurt er met de PKK als de Koerden hun rechten binnen Turkije krijgen? Kesbir lacht: “Ik denk dat we geduldig moeten afwachten, maar als onze rechten worden erkend en als wij (de Koerden) worden erkend, dan is dat waar de PKK ook altijd voor heeft gestreden.”

Gelooft de PKK dat er nu echt een oplossing zal worden gevonden? “Wij willen dat iedereen de afspraken nakomt, maar dit conflict kan niet eenzijdig worden opgelost.” Kesbir pauzeert even. Ze lijkt haar woorden zorgvuldig te zoeken. “Van Koerdische zijde hebben we alles gedaan wat we konden. We bereiden ons nu voor op twee dingen: vrede of oorlog.” Is dat een dreigement? “Nee, dat is absoluut geen dreigement, het is de realiteit. Als het moet, dan vechten we.”

Het gevecht lijkt met het opheffen van de DTP te zijn hervat. De PKK heeft de wapens weer opgenomen en het lijkt erop dat er een nieuw hoofdstuk is aangebroken in het gewapende conflict tussen Turkije en de PKK. Kesbir voorspelde al dat de Koerden de PKK nooit de rug toe zullen keren. Daar lijkt ze gelijk in te krijgen. Tijdens protesten tegen het verbod van de DTP in het overwegend Koerdische Diyarbakir, hielden betogers portretten van PKK-leider Öcalan omhoog en scandeerden: ‘PKK’.

Volgens Kesbir blijft de PKK sterk omdat de organisatie populair is onder de  Koerden in Turkije, maar ook daarbuiten. “We hebben de laatste 31 jaar gestreden voor een belangrijk doel: Koerdische rechten. Wij hebben geen problemen met andermans nationale vlag, met andere talen, met andermans rechten. Maar wij leven in een geografie die Koerdistan heet. We hebben een eigen cultuur, een eigen taal en het is ons recht om ervoor te vechten."

 

 

 
Banner

meer op ex Ponto


laatste columns


Nafiss Nia
  Getrouwd en ongelukkig? ‘Een gescheiden vrouw is een cadeautje, een getrouwde ...
Antonije Zalica
Jubilees #4 – 30 years after Tito died and left us alone Antonije Zalica “My mum ...
Nafiss Nia
  Seks voor het huwelijk -Heb je een vriendje? -Nee, zegt ze resoluut, maar ...
Nian Bakal
  'Schrijf niet alles op wat je weet' Uit een gebrek aan vrijheid en uit angst voor ...